Transportschaarste

‘De aanpak van transportschaarste wordt een gezamenlijke inspanning’

Afgelopen jaar kwamen de grenzen van het Nederlandse elektriciteitsnet op meerdere plekken in zicht. Ook onze klanten kregen ermee te maken. Han Slootweg, directeur Asset Management van Enexis, legt uit wat de oorzaak is – en hoe netbeheerders, klanten en andere betrokkenen samen kunnen zorgen voor nieuwe mogelijkheden om meer uit het elektriciteitsnet te halen. 

Transportschaarste. Oftewel: een tekort aan ruimte op de elektriciteitsnetten voor de distributie van elektriciteit. In 2022 kwam dit steeds vaker in het nieuws. “Het is een symptoom van een verandering die al langer gaande is”, zegt Slootweg. “We produceren en gebruiken in Nederland steeds meer elektriciteit. Dit komt onder andere doordat de samenleving digitaliseert, met bijvoorbeeld grote datacenters die veel energie verbruiken. En ook met de verduurzaming gaat het snel. Het aantal elektrische auto’s neemt toe, fabrieken stappen over van gas op stroom en overal worden zonne- en windparken aangelegd.”

Die groeiende hoeveelheid elektriciteit vraagt om meer en meer ruimte op de netten. De landelijke netbeheerder (TenneT) en de regionale netbeheerders zoals wij werken dan ook keihard om hun infrastructuur uit te breiden en te verzwaren. “Zelf investeerden we afgelopen jaar ruim € 1 miljard – een hoger bedrag dan ooit. En we vergrootten onze netcapaciteit met 1.180 megawatt”, zegt Slootweg. “Dat zijn enorme getallen. Maar door de gascrisis en de oorlog in Oekraïne ging het met de elektrificatie in 2022 harder dan verwacht en steeg de vraag naar netcapaciteit extra snel.” Sneller dan de netbeheerders aankonden. Er zijn te weinig technische mensen die het werk kunnen uitvoeren en materialen zijn gewild, dus de levertijden lopen op.

Tijdelijke stop

Het gevolg was dat de landelijke en regionale netten op meerdere plekken in Nederland volliepen. In juni bereikten delen van het landelijke net in Noord-Brabant en Limburg hun maximale capaciteit, zowel voor afname als voor teruglevering van elektriciteit. In de twee provincies volgde een tijdelijke stop voor zakelijke grootverbruikers: aanvragen voor een nieuwe of zwaardere aansluiting konden niet meteen worden behandeld.

“Van zo’n stop balen we enorm,” zegt Slootweg, “want het betekent dat we klanten moeten vragen om te wachten tot er meer ruimte is. Dit kan een ondernemer zijn die wil uitbreiden en dus een zwaardere elektriciteitsaansluiting nodig heeft. Of de ontwikkelaar van een zonnepark die stroom wil leveren aan onze netten. Transportschaarste betekent voor hen dat ze die plannen moeten uitstellen. We begrijpen heel goed dat dit een flinke tegenvaller is.”

Om structureel te zorgen voor voldoende capaciteit, zullen we meer dan ooit samen moeten optrekken en allemaal de schouders eronder moeten zetten."

Regionale en landelijke oplossingen

Om snel weer ruimte te creëren voor aansluitingen in Noord-Brabant en Limburg, onderzocht een taskforce van regionale overheden, netbeheerders en bedrijven onder andere de mogelijkheden van congestiemanagement. Het idee daarachter is dat klanten het net op drukke momenten ontzien, wat ruimte oplevert voor nieuwe aansluitingen. En dat werkt: het onderzoek leverde 1.700 megwatt aan extra netcapaciteit op – tien keer het vermogen van de stad Maastricht. Vanaf december kon Enexis daardoor weer beginnen met de behandeling van aanvragen.

Omdat de schaarste zich in het hele land voordoet, schaalde het ministerie van Economische Zaken en Klimaat de taskforce op naar nationaal niveau. De oorspronkelijke initiatiefnemers kregen gezelschap van onder andere de Autoriteit Consument & Markt (ACM) en de rijksoverheid. In december presenteerden de partners het Landelijke Actieprogramma Netcongestie. De centrale boodschap: sneller bijbouwen om de capaciteit uit te breiden, het elektriciteitsnet slimmer gebruiken en de daarvoor benodigde flexibiliteit beschikbaar maken. 

Gezamenlijke inspanning

Technisch zijn al deze oplossingen mogelijk, zegt Slootweg. “Maar alleen als we samenwerken, gaat dit ons lukken. Netbeheerders, overheden, marktpartijen en de ACM moeten allemaal hun rol pakken. Om structureel te zorgen voor voldoende capaciteit, zullen we meer dan ooit samen moeten optrekken en allemaal de schouders eronder moeten zetten.”